Academisch achtergrond
Drs. Armand Sag is geboren en getogen in Utrecht waar hij in 1984 ter wereld kwam.
In 2004 rondde hij een propedeuse Lerarenopleiding Geschiedenis en Staatsinrichting af met het predikaat 'met zeer veel genoegen' aan de Hogeschool Utrecht.
In 2008 studeerde hij vervolgens af aan de Universiteit Utrecht in de bacheloropleiding Geschiedenis met het predikaat 'met veel genoegen' en de minoropleiding Turkologie 'met lof'. Zijn bachelorscriptie ging over de Janitsaren van het Osmaanse Rijk in de periode 1425 tot 1550. In 2009 rondde hij de masteropleiding Internationale Betrekkingen af met het internationale 'upper class'-predikaat aan de Universiteit Utrecht. Zijn masterscriptie had als onderwerp de opkomende internationale betrekkingen tussen Nederland en Turkije vanaf 1612. Nu is hij bezig met zijn promoveeronderzoek over de Balkan (1908-1923). De specialiteit van Armand Sag is Turkse Geschiedenis.
Wetenschappelijke carrière
Van 2008 tot 2010 was Armand Sag verbonden aan Museum Turkije-Nederland te Hoorn als historicus, waarnaast hij ook nog werkzaam was (en nog steeds is) als onderzoeker, schrijver en vertaler voor verschillende instanties en organisaties. In het kader van zijn verdere academische loopbaan, gaf Armand Sag geregeld les op de Universiteit Utrecht en andere onderwijsinstellingen tijdens zijn masteropleiding. Tevens werkte hij mee aan verschillende projecten, zoals de vorming van een nieuw Turks-Nederlands woordenboek vanuit de Universiteit Utrecht, en ondersteunt hij onderzoeksjournalisten in hun zoektocht naar Turkse bronnen. Op regelmatige basis organiseert hij debatten, lezingen, discussieavonden en conferenties over historische onderwerpen. Ook wordt hij veelvuldig uitgenodigd als spreker. Armand Sag is ook (hoofd-)redacteur van meerdere media-instellingen.
Naamsbekendheid
Drs. Armand Sag heeft vooral aandacht gekregen vanwege enkele van zijn artikelen waarin hij:
1. pleit voor een éénwording van Europa door de bevoegdheden van de Europese Unie uit te breiden met een gezamenlijke taal, alsmede een centraal politiek en bestuurlijk systeem in te laten voeren;
2. de afschaffing van het koninklijk huis toejuicht;
3. duidelijke kritiek uit op democratie, maar tevens opmerkt dat de bescherming van minderheden en de individuele rechten van de mens op dit moment door geen enkel ander systeem beschermd kan worden;
4. het ‘orientalisme’ van Edward Said onderstreept en verder uitbreidt met voorbeelden van anti-Turkse sentimenten die zouden overheersen in de christelijke wereld;
5. vermeldde dat de transformatie van territoriaal nationalisme naar cultureel nationalisme in de toekomst ervoor zou zorgen dat de wereldlijke economie apart geregeld wordt van de culturele aspecten;
6. de Turks-Nederlandse internationele betrekkingen ziet beginnen met een de facto en de jure erkenning van de Nederlanden door de Osmaanse Turken, hiermee zouden de Turken als eerst de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden erkend hebben;
7. de Osmaanse gebeurtenissen van 1915 niet kenmerkt als een genocide vanuit sociaal-historisch en juridisch-staatsrechtelijk oogpunt.
© Armand Sağ 2008 - 2010 |